Trillingen

Maya stelde deze vraag op 01 april 2025 om 20:37.

Jasper hangt een stuiterbal van 250 gram aan een veer. Hij laat de stuiterbal 6,0 cm boven de evenwichtsstand los. De stuiterbal voert een harmonische trilling uit. Met behulp van videometen maakt hij het (u,t)-diagram van figuur 4.

1. Bepaal de veerconstante van de veer.

2. Bepaal de maximale snelheid die de stuiterbal krijgt tijdens de trilling.

Ik heb bij vraag 1:   27 N/m, klopt dit en heb ik de juiste significantie?

Ik weet niet hoe ik vraag 2 moet oplossen en welke formule erbij hoort. Kunt iemand mij hierbij helpen?

Reacties

Theo de Klerk op 01 april 2025 om 20:43

Een bijlage met een grafiek ontbreekt blijkbaar. En wat bedacht je bij vraag 2?  Natuurkunde is geen "stop er een formule in" - die biedt zich aan als je inzicht hebt in de situatie en wat er gebeurt.

Maya op 01 april 2025 om 20:46

Oh sorry ik was de bijlage vergeten.

Jaap op 01 april 2025 om 22:01

Dag Maya,

Vraag 1: de veerconstante is inderdaad 27 N/m.
Als je hebt opgeschreven of ingevuld 'T=0,60 s', is je aantal significante cijfers goed.
Maar als je hebt opgeschreven of ingevuld 'T=0,6 s', heeft de uitkomst '27 N/m' een significant cijfer teveel.
Havo en vwo in Nederland: bij het centraal examen natuurkunde wordt het aantal significante cijfers alleen beoordeeld als er in de vraag uitdrukkelijk iets staat over significante cijfers.

Vraag 2: vind je in Binas tabel 35B1 een formule waar de maximale snelheid in staat?

Theo de Klerk op 02 april 2025 om 02:11

snelheid = Δu/Δt = helling raaklijn aan de u,t grafiek. Grootste snelheid = steilste helling. Dus?

Plaats een reactie

+ Bijlage

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vraag te beantwoorden.

Noortje heeft vier appels. Ze eet er eentje op. Hoeveel appels heeft Noortje nu over?

Antwoord: (vul een getal in)