veerconstante

Meriam stelde deze vraag op 07 maart 2017 om 23:33.
He 

zou iemand mij kunnen helpen met de volgende opdrachten, het liefst een met uitleg in plaats van alleen antwoorden? Want ik ben er al een poos mee bezig maar kom er maar niet uit. Het is een toets uit de 3e klas maar maken, lukt me niet lol. 

Groetjes meriam

Bijlagen:

Reacties

Jan van de Velde op 07 maart 2017 om 23:41
dag Meriam,

Wij zijn geen huiswerkmachine en gaan dus geen 6 opgaven met subvragen eventjes volledig voor je zitten uitwerken met uitleg. Maar we willen je met alle plezier over je drempels heen helpen.

Als je er al een poos mee bezig bent ben je vast ook al wel ergens een eindje mee onderweg.

beginnen we eens met deze:




vertel eens wat je hiervan wél kunt / snapt, tot waar je komt, (mét je uitwerking/uitleg) en waarop je dan vervolgens vastloopt.

En dán kunnen wij je verder helpen.

Groet, Jan
Meriam op 08 maart 2017 om 15:32
Hee
het is nu helemaal niet dat je mijn huiswerk aan het maken bent, het is gewoon dat ik dr niet uitkom en niks heb aan losse antwoorden.
Ik wil graag hulp omdat mijn eigen docent niks meer doet in de les aangezien hij eind dit jaar met pensioen gaat.
Terug naar mijn vraag. Ik loop al gelijk vast bij vraag 2c. Ik weet de formule wel om een veerconstante te berekenen maar ik kom steeds op een ander getallen, is dat de bedoeling? Aangezien het om dezelfde veer gaat. Bij vraag 2b moest ik dus een grafiek maken die heb ik wel maar dan lijkt het alsof ik bij c hetzelfde moet doen ?

Meriam
Theo de Klerk op 08 maart 2017 om 15:36
begin eerst maar eens met vraag a. Wat vind je hiervoor? Dan zijn b en c vragen die in het verlengde ervan liggen.
In b teken je gemeten waarden in een grafiek en in c gebruik je die om, na een best passende lijn, een soort y = ax grafiek te maken waarbij de helling a bepaald moet worden.
De formule uit a toepassen op elke losse meting is niet zo zinvol. Daarom doe je een aantal metingen (b) en "middel" je deze tot een verband dat voor alle waarden gelden kan. Want elke losse meting heeft ook meetfouten en een formule gaat altijd uit van het ideale geval zonder meetfouten.

Dus: laat die grafiek eens zien, jouw best passende lijn daarin en je berekende helling?
Jan van de Velde op 08 maart 2017 om 15:43

Meriam plaatste:

 vraag 2c. Ik weet de formule wel om een veerconstante te berekenen maar ik kom steeds op een ander getallen, is dat de bedoeling?
Het punt is dat degene die die tabel opstelde aan de hand van waarnemingen, net als jij en ik, meetfouten maakt. Als jij een grafiek tekent bij 2B en die ziet eruit als een zigzaglijntje maak je daar een ernstige fout: Natuurkundige processen verlopen niet in stappen. Die grafiek moet een vloeiende, en in dit geval dus een rechte lijn worden. En je veerconstante is de richtingscoëfficiënt van die rechte, en daarmee een soort van gemiddelde van de individuele constantes die je uit die tabel zou berekenen, en die allemaal lichtjes verschillen. 

Meriam plaatste:

het is gewoon dat ik dr niet uitkom en niks heb aan losse antwoorden.


dat snap ik, maar ik hoop dat jij ook snapt dat wij geen zin (of zelfs maar tijd) hebben om een twintigtal berekeningen mét uitleg (waarom die stap, en waarom zó) te gaan schrijven, met daarin dan bovendien een berg overbodige info omdat je , zoals de betekenis van de term "veerconstante", vast en zeker al veel zelf beheerst. 

Met een vraag zoals je die nu stelt over die variërende veerconstante, helpen we je met plezier. Kom maar af met de volgende in die trant. En hoe helderder en beperkter de vraag, hoe vlotter en duidelijker ons antwoord, of ons duwtje voor jou richting het juiste antwoord,  kan zijn. 

Groet, Jan
Moderator op 08 maart 2017 om 16:04
Beste Meriam,

bij voorbaat ons verzoek om voor de andere vragen uit je bladen steeds een nieuw onderwerp te starten, voor jouw vraag 3 bijvoorbeeld "resultante kracht" of zoiets. Dan kan dit onderwerp over veerconstanten blijven gaan.

Met vriendelijke groeten
Moderator
meriam op 08 maart 2017 om 18:38
Hallo

nou ik had dus mijn grafiek al wel. (Let niet op de nauwkeurigheid haha het gaat er om dat ik weet wat ik doe... Denk ik) maar omdat ik niet weet of het de bedoeling is bij c zoveel verschillende constantes te hebben (omdat ze het maar over een veer hebben) kan ik bij f bijvoorbeeld ook niet een 2x kleinere veerconstante maken. En al zou c wel goed zijn welke moet ik dan nemen voor vraag f ?

Bijlagen:

Theo de Klerk op 08 maart 2017 om 18:49
>omdat ik niet weet of het de bedoeling is bij c zoveel verschillende constantes te hebben (omdat ze het maar over een veer hebben)


 Grafiek geeft met de meetpunten een rechte lijn die door/tussen de meetpunten gaat. Er zijn dus niet meer constanten maar slechts 1: die van de helling van het grafiek ( C = F/u) . Dat je meetpunten niet precies op de lijn vallen heeft alles te maken met de meetfouten die onvermijdelijk zijn maar door de enkele getekende lijn in de grafiek worden "uitgemiddeld".

Dus wat is C volgens de grafiek? En gebruik die waarde voor de overige vragen.
Jan van de Velde op 08 maart 2017 om 19:05

meriam plaatste:


nou ik had dus mijn grafiek al wel. (Let niet op de nauwkeurigheid
nee, maar correctheid is wél nodig: de stapgroottes op je assen zijn niet over de hele as gelijk, vooral in de hoek gaat het hélemaal mis. 



dus komt die lijn nooit zó te staan dat je er fatsoenlijk een richtingscoëfficiënt uit kunt halen

meriam plaatste:

 omdat ik niet weet of het de bedoeling is bij c zoveel verschillende constantes te hebben (omdat ze het maar over een veer hebben) 
daarover zei ik al (en Theo iets dergelijks kort voor mij)

Jan van de Velde plaatste:

Meriam plaatste:

 vraag 2c. Ik weet de formule wel om een veerconstante te berekenen maar ik kom steeds op een ander getallen, is dat de bedoeling?
Het punt is dat degene die die tabel opstelde aan de hand van waarnemingen, net als jij en ik, meetfouten maakt.
..//..
 je veerconstante is de richtingscoëfficiënt van die rechte, en daarmee een soort van gemiddelde van de individuele constantes die je uit die tabel zou berekenen, en die allemaal lichtjes verschillen. 


Want de verschillende "veerconstantes" die jij vindt zijn helemaal niet zo heel erg verschillend, dat zit allemaal rond de honderd N/m, met afwijkingen van een paar procent meer of minder. Stomweg kleine meetfoutjes, en je grafiek is er om daar middels een mooi rechte lijn een fatsoenlijk gemiddelde van te maken. Daarna kun je op die lijn een punt nemen, daarvan de kracht door de uitrekking delen en dat is dan je veerconstante. 
Maar daarvoor heb je dus eerst een goede grafiek nodig. Advies: neem een ruitjespapier. Want op gewoon gelinieerd papier krijg je dat nooit fatsoenlijk voor elkaar. Geen ruitjespapier in huis? Zie bijlage. Laad maar in paint en teken je grafiek digitaal. 

Groet, jan

Meriam op 08 maart 2017 om 19:18
hoe bedoel je "uitgemiddeld" ?
zijn dat dan zeg maar 2 "nauwkeurige" punte uit mijn grafiek en dan daarvan de constante ? Zoals ik, zeg maar wat C=F/U en dan C= 30,0/0,31 is 96,77. Omdat mijn lijn wel recht door dat punt gaat of zo.

dus dan zou 96,77/2 = ongeveer 48,39 2x zo klein zijn?
maar hoe zou ik die lijn dan moeten opstellen?

groeten :)
Jan van de Velde op 08 maart 2017 om 19:59

Meriam plaatste:

hoe bedoel je "uitgemiddeld" ?
als je door 5 mensen de breedte van je woonkamer laat opmeten met een meetlint krijg je 5 verschillende uitkomsten, bijvoorbeeld 4,05 m, 4,06 m, 4,02 m etc. Heel normaal.

Hier is een keer of vijf feitelijk de veerconstante bepaald (welke kracht nodig is voor een bepaalde uitrekking, steeds F/u) Daar komt dus steeds nét iets anders uit. 

maar als je dat in een grafiek zet gaat de best passende rechte (of kromme als het geen lineair verband is) kort langs al die punten, met gemiddeld evenveel punten erboven als eronder:



Die rechte geeft dan een soort van gemiddelde van al je metingen.
op die lijn kun je elk willekeurig punt pakken, de bijbehorende F en u aflezen, en c uitrekenen, die is altijd dezelfde. Je meetfouten zijn "uitgemiddeld" . Dat is óók niet de precieze waarde, maar het is onmogelijk om wat dan ook altijd hélemaal precies te meten. Zo maak je in elk geval de kleinst mogelijke fout. Maar daarvoor kun je natuurlijk ook geen grafiek gebruiken die zelf helemaal fout is, zoals die je liet zien. 

Dat ene punt bijna helemaal rechts in mijn voorbeeldgrafiek is een serieuze meet-misser. Die valt in een grafiek ook goed op omdat hij helemaal niet op de lijn past. Zoiets noemen we een "uitbijter". Die mag je niet meenemen in een gemiddelde. In een tabel zou je zoiets misschien per ongeluk wel doen (alle losse sommetjes F/u optellen en middelen). Maar dan zou die misser wél meedoen, en dat mag niet. 

Overigens, ken jij wel het woord richtingscoëfficiënt? Of noemen jullie dat misschien hellinggetal of zo? 

groet, Jan
Meriam op 08 maart 2017 om 21:40
Ja ik weet wat een richtingscoëfficiënt is. :p

heel erg bedankt voor de hulp met deze vraag ! 

Meriam

Plaats een reactie

+ Bijlage

Bevestig dat je geen robot bent door de volgende vraag te beantwoorden.

Noortje heeft vijf appels. Ze eet er eentje op. Hoeveel appels heeft Noortje nu over?

Antwoord: (vul een getal in)